
Samenvatting
De Raad van Europa heeft een baanbrekend verdrag aangenomen - het Verdrag inzake de bescherming van het milieu door middel van het strafrecht - dat een breed scala aan milieudelicten definieert en strafbaar stelt en een wettelijk kader schept voor staten om opzettelijk gedrag te vervolgen dat leidt tot milieurampen die 'neerkomen op ecocide'.
Het verdrag, dat op 14 mei 2025 door het Comité van Ministers is aangenomen, staat nu open voor ondertekening en treedt in werking zodra het door ten minste 10 staten (waaronder 8 lidstaten van de Raad van Europa) is geratificeerd; zowel ondertekening als ratificatie blijven voor staten vrijwillig.
Hoewel de term "ecocide" niet voorkomt in de artikelen, wordt hij wel expliciet vernoemd in de preambule van het verdrag. De bepalingen rond "bijzonder ernstige misdaden" en "verzwarende omstandigheden" sluiten ook nauw aan bij de definitie die in 2021 werd voorgesteld door het panel van onafhankelijke deskundigen bijeengeroepen door de Stop Ecocide Foundation.
Naast dit Verdrag ijvert de Raad in haar vijfjarige milieustrategie ook voor een strengere toepassing van de wet, bescherming voor milieuactivisten, en betere toegang het gerecht. Dit is de derde mijlpaal in 12 maanden tijd voor het aanwenden van het internationaal strafrecht om de ernstigste schade aan het milieu te voorkomen en te bestraffen, na de herziene EU-richtlijn inzake Milieucriminaliteit en het formele voorstel van de eilandstaten in de Stille Oceaan om ecocide toe te voegen aan het Statuut van Rome van het ICC.
Een nieuw juridisch instrument tegen ernstige milieuschade
De Raad van Europa heeft officieel het Verdrag inzake de bescherming van het milieu d.m.v. het strafrecht aangenomen, een nieuw internationaal verdrag dat staten wettelijk verplicht om een breed scala aan ernstige milieudelicten strafbaar te maken. Het verdrag werd op 14 mei 2025 aangenomen door het Comité van Ministers en staat nu open voor ondertekening door de 46 lidstaten van de Raad en andere staten die hiervoor zijn uitgenodigd. Het verdrag treedt in werking van zodra ten minste 10 staten - waaronder 8 leden van de Raad van Europa - het verdrag hebben geratificeerd.
Het verdrag definieert en maakt een reeks milieugerelateerde misdrijven strafbaar en, in de woorden van de Raad van Europa, " maakt het voor staten mogelijk om opzettelijk gedrag te vervolgen, dat resulteert in milieurampen die neerkomen op ecocide".
Belangrijkste bepalingen en juridische vernieuwing
Het verdrag stelt wettelijke minimumnormen vast om milieucriminaliteit te definiëren en te vervolgen in de nationale rechtsstelsels. Het gaat om misdaden zoals onwettige vervuiling, vernietiging van ecosystemen, illegale handen in afval en de ernstige aantasting van leefomgevingen. Het introduceert ook het begrip "bijzonder ernstige misdaden" voor handelingen die resulteren in onomkeerbare, langdurige of wijdverspreide milieuschade. Deze bewoording sluit nauw aan bij de definitie van ecocide die in 2021 werd voorgesteld door het panel van onafhankelijke deskundigen dat werd bijeengeroepen door de Stop Ecocide Foundation.
De term "ecocide" komt niet voor in de artikelen van het verdrag, maar wordt wel vernoemd in de preambule. Tot nu toe is de omschrijving van "bijzonder ernstige misdaden" de meest expliciete erkenning van het concept in een bindend Europees rechtsinstrument. Zo beschrijft het verdrag ook verzwarende omstandigheden, bv. wanneer misdaden langdurige of onomkeerbare schade toebrengen aan ecosystemen.
Het verdrag verplicht staten sancties in te voeren voor overtredingen die begaan worden door bedrijven. Het gaat dan o.a. om boetes, uitsluiting van commerciële activiteiten en gerechtelijke bevelen tot herstel van het milieu. Het bevat ook bescherming voor mensenrechtenactivisten en klokkenluiders op milieugebied, evenals bepalingen om de informatie en inspraak in de besluitvorming op milieugebied openbaar te maken.
Niet automatisch bindend: Wat nu?
Het verdrag is niet vanzelf van kracht. Staten moeten er eerst voor kiezen het te ondertekenen, waarmee ze blijk geven van politieke steun en de bereidheid om zich aan de bepalingen te houden. Om het verdrag binnen een land juridisch bindend te maken, is ratificatie via nationale procedures vereist. Sommige landen zullen wellicht snel overgaan tot ondertekening en ratificatie, terwijl andere langzamer zullen handelen of er helemaal van afzien. Voortdurende pleitbezorging door het publiek en het maatschappelijk middenveld zal een sleutelrol spelen bij het stimuleren van een brede acceptatie en een effectieve uitvoering.
Onderdeel van een bredere milieustrategie
Het nieuwe verdrag is een belangrijk onderdeel van de bredere milieustrategie 2025-2030 van de Raad van Europa, die deze week ook werd aangenomen door het Comité van Ministers. De strategie omvat vijf hoofddoelstellingen, waaronder doelstelling 4: het voorkomen en vervolgen van milieugerelateerde misdaden.
De strategie roept uitdrukkelijk op tot ratificatie van het verdrag, betere toegang tot de rechter, strengere wettelijke aansprakelijkheid voor milieuschade en betere bescherming van milieuactivisten. Milieubescherming wordt daarin beschouwd als een fundamentele voorwaarde voor het genot van mensenrechten en democratische integriteit.
Een wereldwijde verschuiving richting verantwoording
De aanneming van dit verdrag vormt de derde belangrijke internationale stap voorwaarts op het gebied van het milieustrafrecht in de afgelopen 12 maanden, na de herziening van de EU-richtlijn inzake milieucriminaliteit – die nu bepalingen bevat voor ‘gedrag dat vergelijkbaar is met ecocide’ – en een formeel voorstel aan het Internationaal Strafhof, onder leiding van de eilandstaten in de Stille Oceaan, waarin wordt opgeroepen om ecocide toe te voegen aan het Statuut van Rome. Deze ontwikkeling markeert een duidelijke verschuiving van vrijwillige waarborgen naar afdwingbare internationale normen die gericht zijn op het voorkomen, afschrikken en vervolgen van de ernstigste vormen van milieuschade.
Jojo Mehta, CEO en medeoprichter van Stop Ecocide International, zei:
“Door milieubeschadiging die ‘neerkomt op ecocide’ strafbaar te stellen, markeert dit verdrag een historisch moment in het milieurecht. Het erkent dat grootschalige schade aan de natuur niet louter een tekortkoming in de regelgeving is – het is een misdrijf dat vervolging verdient. Het verdrag kan nu als model dienen voor wereldwijde hervormingen, met gevolgen die veel verder reiken dan Europa.”
"Het valt niet langer te betwijfelen dat onze relatie tot de natuur aan het veranderen is en dat onze wettelijke kaders moeten worden bijgesteld. Dit versterkt een nieuw en noodzakelijk bewustzijn dat we verantwoordelijkheid voor de levende wereld waarvan we volledig afhankelijk zijn.
"We willen staten niet alleen aanmoedigen om dit belangrijke verdrag te ondertekenen en te ratificeren, maar ook om te erkennen dat ernstige en wijdverspreide of langdurige milieuschade - ecocide - altijd verboden moet worden als een ernstige misdaad, zelfs als de precieze manier waarop het wordt begaan niet wordt beschreven in dit verdrag. Deze logica is even onontkoombaar als onze verstrengeling met de ecosystemen die ons in stand houden."
De volledige tekst van het Verdrag van de Raad van Europa inzake de bescherming van het milieu door middel van het strafrecht vind je hier, en de Milieustrategie 2025-2030 van de Raad van Europa hier.